Volgens Rulingcommissie telt onaantastbaarheidsvoorwaarde van dag tot dag
Via het stelsel van de liquidatiereserve kan een KMO-vennootschap dividenden tegen 5% roerende voorheffing uitkeren voor zover de zgn. onaantastbaarheidsvoorwaarde werd nageleefd.
-
De lokale sportvereniging fiscaal vriendelijk sponsoren
Wilt u een lokale sportvereniging of andere vereniging financieel steunen? Dan kan u dat vaak op een fiscaal interessante manier doen via sponsoring. Betaalt u namelijk een bedrag in ruil voor publiciteit voor uw zaak, dan zijn die kosten in principe volledig fiscaal aftrekbaar als publiciteitskosten.
-
Gezinswoning aankopen in Vlaanderen aan 2% registratierechten, terwijl u reeds een ander pand bezit?
Koopt u in Vlaanderen uw enige gezinswoning, dan betaalt u in principe slechts 2% registratierechten in plaats van 12%. Daarvoor mag u, alleen of samen met de andere kopers, nog niet voor 100% volle eigenaar zijn van een andere woning of bouwgrond, in België of in het buitenland. Is dat wel het geval, dan geldt het gewone tarief van 12%.
-
De handgift en de bankgift of onrechtstreekse schenking
Hieronder bespreken we twee bekende technieken waarmee u uw vermogen en uw nalatenschap kunt optimaliseren: de handgift en de bankgift of onrechtstreekse schenking.
Via het stelsel van de liquidatiereserve kan een KMO-vennootschap dividenden tegen 5% roerende voorheffing uitkeren voor zover de zgn. onaantastbaarheidsvoorwaarde werd nageleefd. Concreet komt dat erop neer dat de liquidatiereserve minstens 5 jaar behouden is gebleven op een afzonderlijke passiefrekening en niet tot grondslag heeft gediend voor enige beloning of toekenning.
De vijfjarige houdtermijn wordt gerekend vanaf de laatste dag van het belastbaar tijdperk waarvoor de liquidatiereserve is aangelegd (art. 269, § 1, 8° WIB 1992). Volgens de Rulingcommissie heeft de wetgever op die manier verwezen naar minstens vijf jaren en niet naar vijf belastbare tijdperken of boekjaren. Bijgevolg gaat de Rulingcommissie ervan uit de vijfjarige termijn van dag tot dag moet worden gerekend. De vijfjarige termijn voor een liquidatiereserve die bv. wordt aangelegd op 31 maart N (bij een boekjaar van 1 april N-1 tot 31 maart N), verstrijkt aldus na 30 maart N+5.