Belastingverhoging én boete is teveel van het goede volgens beroepsrechter
De fiscus kan de niet-indiening of laattijdige indiening van aangiftes in de inkomstenbelastingen op twee manieren bestraffen. Hij kan een administratieve boete opleggen, die bestaat uit een vast bedrag, van € 50 tot € 1.250 , of een belastingverhoging, die bestaat uit 10% tot 200% van de belasting op de niet-aangegeven inkomsten.
-
RSZ
-
De lokale sportvereniging fiscaal vriendelijk sponsoren
Wilt u een lokale sportvereniging of andere vereniging financieel steunen? Dan kan u dat vaak op een fiscaal interessante manier doen via sponsoring. Betaalt u namelijk een bedrag in ruil voor publiciteit voor uw zaak, dan zijn die kosten in principe volledig fiscaal aftrekbaar als publiciteitskosten.
-
Gezinswoning aankopen in Vlaanderen aan 2% registratierechten, terwijl u reeds een ander pand bezit?
Koopt u in Vlaanderen uw enige gezinswoning, dan betaalt u in principe slechts 2% registratierechten in plaats van 12%. Daarvoor mag u, alleen of samen met de andere kopers, nog niet voor 100% volle eigenaar zijn van een andere woning of bouwgrond, in België of in het buitenland. Is dat wel het geval, dan geldt het gewone tarief van 12%.
De fiscus kan de niet-indiening of laattijdige indiening van aangiftes in de inkomstenbelastingen op twee manieren bestraffen. Hij kan een administratieve boete opleggen, die bestaat uit een vast bedrag, van € 50 tot € 1.250 , of een belastingverhoging, die bestaat uit 10% tot 200% van de belasting op de niet-aangegeven inkomsten.
De fiscus kan kiezen welke van de twee hij toepast. Het Grondwettelijk Hof is het daar immers mee eens (GwH, 29.01.2019). Hoewel het bedrag van de belastingverhoging erg kan verschillen van belastingplichtige tot belastingplichtige, omdat de belastbare inkomsten erg kunnen verschillen, is het opleggen van een boete aan de ene en een belastingverhoging aan de andere volgens het Grondwettelijk Hof geen verboden discriminatie.
In theorie zou de fiscus zelfs beide sancties kunnen opleggen vermits er geen enkele wetsbepaling is die dat verbiedt (Comm. IB 444/42 en 445/6). Echter, in de praktijk vinden veel rechters gelijktijdige toepassing van beide sancties teveel van het goede, zeker als er geen sprake is van kwade trouw (Gent, 30.09.2014; Antwerpen, 13.06.2017; Gent 12.11.2019). Op 11 mei 2021 heeft een beroepsrechter te Gent wederom in dezelfde lijn geoordeeld.