Vanaf 01.01.2025 slechts 10 dagen tijd om te antwoorden op vraag om inlichtingen omtrent o.m. btw-teruggaafcontrole
Vanaf 01.01.2025 heeft een belastingplichtig één maand de tijd om te antwoorden op een vraag om inlichtingen van de Btw, waar dat voorheen niet bepaald was.
-
Kilometervergoeding licht geïndexeerd sinds 1 juli 2026
Als een bestuurder of werknemer beroepsmatige verplaatsingen maakt met zijn eigen auto, motorfiets of bromfiets, dan kan hij daarvoor een forfaitaire onkostenvergoeding van resp. zijn vennootschap of zijn werkgever krijgen.
-
Vraag om inlichtingen van de Btw: antwoordtermijn in principe één maand
De btw kan u een vraag om inlichtingen sturen om gegevens op te vragen die nodig zijn om de juiste toepassing van de btw te controleren. Daarbij kan de administratie feitelijke gegevens, boekhoudkundige informatie, contracten en andere documenten opvragen, voor zover die nuttig zijn om de btw-behandeling van bepaalde prestaties te beoordelen.
-
De lokale sportvereniging fiscaal vriendelijk sponsoren
Wilt u een lokale sportvereniging of andere vereniging financieel steunen? Dan kan u dat vaak op een fiscaal interessante manier doen via sponsoring. Betaalt u namelijk een bedrag in ruil voor publiciteit voor uw zaak, dan zijn die kosten in principe volledig fiscaal aftrekbaar als publiciteitskosten.
Maar omgekeerd zal er in bepaalde gevallen vanaf dan ook een verkorte antwoordtermijn van tien dagen gelden. Dat is met name het geval als de zgn. rechten van de schatkist in gevaar zijn, bv. bij een dreigende verjaring van de btw-schuld. In dat geval wordt de termijn van één maand om te antwoorden op een vraag om inlichtingen van de Btw ingekort naar tien dagen (art. 62 W. Btw). Die termijn van 10 dagen, begint net zoals die van één maand, te lopen vanaf de derde werkdag volgend op de verzending van de vraag om inlichtingen.
Ook als de vraag om inlichtingen betrekking heeft op de controle van een btw-tegoed in het kader van een zgn. teruggaafcontrole is de verkorte antwoordtermijn van tien dagen van toepassing. De reden is dat de Btw snel de gegrondheid en waarachtigheid van het btw-tegoed moet kunnen beoordelen.
Antwoordt u niet tijdig, dan zal btw-tegoed worden ingehouden en dus niet worden teruggegeven aan de btw-plichtige. Het betreft hier een nieuw geval van inhouding dat tot op heden nog niet bestaat (art. 8(3), achtste lid KB nr. 4). Het btw-tegoed gaat echter niet verloren. Het ingehouden tegoed zal dan in een later stadium aan een controle onderworpen worden en zal dan desgevallend gebruikt kunnen worden om eventuele schulden aan te zuiveren. Alleen daarna kan de btw-plichtige nog over het (resterende) tegoed beschikken.