Privé belastbaar voordeel auto via vennootschap in 2025
Een bestuurder die gratis een auto van de vennootschap ter beschikking krijgt, wordt privé belast op een voordeel van alle aard voor het gebruik van die auto.
-
Kilometervergoeding licht geïndexeerd sinds 1 juli 2026
Als een bestuurder of werknemer beroepsmatige verplaatsingen maakt met zijn eigen auto, motorfiets of bromfiets, dan kan hij daarvoor een forfaitaire onkostenvergoeding van resp. zijn vennootschap of zijn werkgever krijgen.
-
Vraag om inlichtingen van de Btw: antwoordtermijn in principe één maand
De btw kan u een vraag om inlichtingen sturen om gegevens op te vragen die nodig zijn om de juiste toepassing van de btw te controleren. Daarbij kan de administratie feitelijke gegevens, boekhoudkundige informatie, contracten en andere documenten opvragen, voor zover die nuttig zijn om de btw-behandeling van bepaalde prestaties te beoordelen.
-
De lokale sportvereniging fiscaal vriendelijk sponsoren
Wilt u een lokale sportvereniging of andere vereniging financieel steunen? Dan kan u dat vaak op een fiscaal interessante manier doen via sponsoring. Betaalt u namelijk een bedrag in ruil voor publiciteit voor uw zaak, dan zijn die kosten in principe volledig fiscaal aftrekbaar als publiciteitskosten.
Het voordeel wordt berekend volgens een formule, nl. cataloguswaarde x leeftijdsfactor x 6/7 x CO2-percentage. Het CO2-percentage is 5,5%, zolang de uitstoot van de auto de zgn. referentie-uitstoot niet overschrijdt.
De referentie-uitstoot wordt elk jaar aangepast aan hoe de gemiddelde uitstoot van nieuw ingeschreven Belgische auto’s evolueert. Op 12.12.2024 is de referentie-uitstoot voor 2025 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Voor 2025 daalt de referentie-uitstoot voor dieselauto’s van 65 g/km naar 59 g/km, en voor benzineauto’s van 78 g/km naar 71 g/km. Dit leidt er in principe toe dat het belastbaar voordeel auto voor 2025 hoger zal bedragen dan 2024. Er moet nog wel rekening gehouden worden met een leeftijdscorrectie. Er wordt immers per jaar, na het eerste jaar, een correctiefactor van 6% toegepast, met een maximum van 30%.