Hervorming fiscaal gunstige regeling auteursrechtenvergoeding op de planning
Auteursrechtenvergoedingen zijn vergoedingen die men ontvangt voor de overdracht of het in licentie geven van auteursrechten op ‘originele creaties van letterkunde, wetenschap of kunst’.
-
Voorafbetaling (VA3)
-
Koopt u een nieuwe auto beter nog in 2026 dan in 2027?
Stel u wil een nieuwe auto aankopen of leasen voor uw onderneming (eenmanszaak of vennootschap). Kan u dit dan beter nog in 2026 doen of kan u fiscaal gezien evengoed wachten tot in 2027?
-
Wanneer heeft uw vennootschap recht op investeringsaftrek voor boekjaar 2026?
Doet uw kleine vennootschap een nieuwe investering, dan kan zij daarvoor onder bepaalde voorwaarden genieten van de investeringsaftrek. Wanneer moet die investering precies gebeuren om nog recht te hebben op de investeringsaftrek voor boekjaar 2026?
Auteursrechtenvergoedingen zijn vergoedingen die men ontvangt voor de overdracht of het in licentie geven van auteursrechten op ‘originele creaties van letterkunde, wetenschap of kunst’. Die creaties kunnen teksten zijn, maar ook foto’s, tekeningen, ontwerpen, enz. Dergelijke vergoedingen worden fiscaal gunstig belast, nl. vergoedingen tot € 64.070 (2022) worden afzonderlijk belast tegen maximaal 15%. Het effectieve tarief is nog lager, omdat er ook met een kostenforfait gewerkt wordt. Ook een bedrijfsleider kan momenteel onder bepaalde voorwaarden nog auteursrechtenvergoedingen opnemen uit zijn eigen vennootschap.
De regering is die fiscale regeling aan het herbekijken. De regeling zou beperkt worden tot verkrijgers van auteursrechtenvergoedingen die ofwel een ‘kunstwerkattest’ hebben, ofwel de rechten op een werk overdragen of in licentie geven voor mededeling van het werk aan het publiek, voor openbare uitvoering of opvoering ervan, of voor reproductie. Werken die bv. uitsluitend binnen een onderneming ter beschikking gesteld worden, zouden dan buiten het toepassingsgebied vallen.
De regeling zou tenslotte enkel nog gelden voor auteursrechtenvergoedingen die niet hoger zijn dan een bepaald percentage van het totaalbedrag van de vergoedingen voor een werk, nl. 50%, 40% en 30% voor respectievelijk inkomstenjaren 2023, 2024 en 2025. Het bedrag boven die drempels zal dan normaal gezien beschouwd worden als vergoeding voor geleverde prestaties en als beroepsinkomsten belast worden. Van zodra de nieuwe regeling definitief is, brengen wij u hiervan verder op de hoogte.