Circulaire over belastbaarheid overbruggingsrecht verschenen
Een onderneming die wegens de coronacrisis haar activiteit heeft moeten onderbreken, had normaal recht op een zgn. overbruggingsrecht van de federale overheid.
-
Koopt u een nieuwe auto beter nog in 2026 dan in 2027?
Stel u wil een nieuwe auto aankopen of leasen voor uw onderneming (eenmanszaak of vennootschap). Kan u dit dan beter nog in 2026 doen of kan u fiscaal gezien evengoed wachten tot in 2027?
-
Wanneer heeft uw vennootschap recht op investeringsaftrek voor boekjaar 2026?
Doet uw kleine vennootschap een nieuwe investering, dan kan zij daarvoor onder bepaalde voorwaarden genieten van de investeringsaftrek. Wanneer moet die investering precies gebeuren om nog recht te hebben op de investeringsaftrek voor boekjaar 2026?
-
Winst toegewezen aan een liquidatiereserve
Om de correcte beslissingen te nemen tijdens en bij de afsluiting van boekjaar 2025, moeten drie vragen gesteld worden: 1. Vanaf welke tijdstip kunnen – eerder aangelegde – liquidatiereserves fiscaal voordelig uitgekeerd worden? 2. Vormt het een opportuniteit om liquidatiereserves vervroegd uit te keren? 3. Vormt het een opportuniteit om liquidatiereserves aan te leggen voor boekjaar 2025?
Een onderneming die wegens de coronacrisis haar activiteit heeft moeten onderbreken, had normaal recht op een zgn. overbruggingsrecht van de federale overheid. Deze vergoeding is een vervangingsinkomen, waarvoor een fiscale fiche 281.18 zal worden opgemaakt.
De fiscus heeft op 08.07.2020 een circulaire uitgebracht over de wijze waarop het overbruggingsrecht fiscaal behandeld moet worden. De circulaire gaat echter enkel over het crisisoverbruggingsrecht voor de periode tot eind mei. Hoe het zgn. relance-overbruggingsrecht van de maanden juni, juli en augustus moet worden belast, wordt nog onderzocht. Het overbruggingsrecht zal afzonderlijk belast worden tegen 16,5%, ten minste voor zover het niet meer bedraagt dan de netto gezamenlijk belastbare winsten of baten van 2016 tot en met 2019. Een surplus zal belastbaar zijn tegen de progressieve tarieven.